08-02-2019

Minor Tweede Wereldoorlog 2018-2019, een leerervaring.


Mijn beeld van WOII is dat het een oorlog is met ontzettend veel verschillende aspecten, factoren en groepen mensen die hiermee te maken hadden. Als je in bezet gebied – of niet – woonde had je er op één of andere manier mee te maken. Je oude buren waren Joods, je man werd ter werk gesteld, je fiets werd gestolen, je mag ineens niet meer de muziek luisteren die je zo mooi vond, je oom gaat opeens bij de NSB, je vader gaat bij het verzet en zie je misschien nooit meer terug, je broer gaat bij het geallieerden leger en keert nooit meer terug en ga zo maar door. Door deze minor heb ik een completer beeld gekregen op WOII zelf. De combinatie van daders, slachtoffers en omstanders is voor mij een hele interessante geweest. Want wanneer je een dader bent, ben je dan automatisch geen slachtoffer meer? En als je een slachtoffer bent, kun je dan niet een dader of omstander zijn geweest. De oorlog was niet zo zwart wit als het voor mij van tevoren leek. Soms hadden mensen geen keus en maakte ze keuzes die op dat moment goed of noodzakelijk voelde. Oorlogstijd is niet iets waar iemand je op voor kan bereiden. Het enige wat we nu kunnen doen is ervoor zorgen dat het nooit meer gebeurt, of zijn we daar al ruimschoots in gefaald?

Mijn kennis over WOII is in ieder geval een stuk groter geworden. Dat gebeurde al bij de eerste excursie door naar een Duitse begraafplaats te gaan. Veel mensen zullen raar opkijken als ze horen dat er een Duitse begraafplaats in Nederland ligt. Maar deze mensen die daar liggen hebben daar ook bij lange na niet allemaal voor gekozen. En dat is wat op dit moment de essentie van mijn kennis is over WOII, verder kijken dan je neus lang is. Zal iedereen zelf de keus hebben gemaakt – of niet hebben gemaakt – om bepaalde dingen te doen. Waarom zat maar ¼% van de Nederlandse bevolking ten tijde van de oorlog in het verzet? Heeft het verzet überhaupt wel iets noemenswaardig gepresteerd. Het koningshuis, wat heeft die nou eigenlijk ten tijde van de oorlog voor Nederland betekent. Had iedereen in Nederland wel echt ‘’last’’ van de oorlog of hebben veel mensen het ook als een fijne periode ervaren?

Ik wilde meer dan alleen het bekende beeld van de oorlog te weten komen. Hier is zeker aan voldaan. Ik heb ontzettend veel geleerd en gezien over WOII. Hoe zijn mensen in staat tot zulke gruwelijkheden te komen? Niet een vraag waarvan ik had gedacht dat ik die zou hebben aan het begin van de minor, maar een vraag waar ik wel wijzer door ben geworden hoe mensen denken en reageren in oorlogstijd. Meedoen met de menigte? Bang om buiten de groep te vallen? Iedereen doet het dus dan moet ik ook wel? Eén tegen 100? Allemaal antwoorden op de vraag hoe een volk in staat is een ander volk volledig uit te roeien, wat ook bijna is gelukt.Wat zien wij nog terug in het dagelijks leven met betrekking tot WOII? Een vraag waar op veel verschillende antwoorden mogelijk zijn. In het dagelijks leven zien we niet echt veel terug van de oorlog. Ten tijde van 4 en 5 mei zien we dat wel – alhoewel 5 mei, in hoeverre zijn we dan nog bezig met WOII in plaats van met een reden om feest te vieren – terug in Nederland en op de verschillende plekken die belangrijk zijn geweest ten tijde van de Tweede Wereldoorlog. Ik vind het ergens ook niet raar dat we nog zo weinig terugzien in het dagelijkse leven. Waarom zouden we er ook nog zo veel en bewust mee bezig moeten zijn? Zo lang we inderdaad maar blijven herdenken en stilstaan bij wat er is gebeurd.

Wat ik heb geleerd als mens en als professional tijdens deze minor? Als mens heb ik vooral geleerd dat het heel makkelijk is om te geloven in een beeld dat in de afgelopen 70 jaar is ontstaan over WOII, maar dat zoiets groots ontzettend veel facetten heeft. Zien we wel echt wat er is gebeurd of nemen we genoegen met het verhaal dat ons wordt verteld? Nieuwsgierig blijven en kritisch nadenken over wat er tegen je wordt gezegd of aan je wordt geleerd is een ontwikkelpunt. Als professional heb ik van deze minor ontzettend veel geleerd. Wordt ons met betrekking tot de Tweede Wereldoorlog wel het juiste geleerd? Ja als je kijkt naar alleen het verloop. Duitsland krijgt een nieuwe leider – de nieuwe leider heeft grootheidswaanzin en de verkeerde opvattingen over het Joodse volk – komt aan de macht – valt in 1939 Polen binnen – in 1940 Nederland – wilt Europa veroveren maar verliest in Rusland waardoor de oorlog uiteindelijk verloren wordt. En o ja, we hebben ook Anne Frank nog die altijd benoemd moet worden. Op zichzelf een hele duidelijke en logische uitleg aan leerlingen van – in mijn geval – 11/12 jaar. Maar kunnen die kinderen niet ook al verteld worden over de omstanders in zowel Nederland als in de rest van Europa, dat het verzet in Nederland eigenlijk niet zoveel voorstelde, dat de mensen dapper zijn om het te doen, maar dat het niet heel veel heeft geholpen. Dat het koningshuis ten tijde van WOII eigenlijk een farce is en Prins Bernhard wordt gezien als held in oorlogstijd maar in principe 0,0 bijdrage had aan het verzet en aan de bevrijding. Dat de vrede van Nederland helemaal niet in Wageningen werd getekend en dat het Nederlandse volk na afloop van de oorlog nóg antisemitischer was dan aan het begin van WOII.

In mijn toekomstig handelen als leerkracht is het voor mij van belang geweest dat ik in deze Minor heb ingezien dat lesgeven door een gepassioneerd docent van essentieel belang is. Een docent die niet van te veel poespas en onzinnige dingen houdt. Dat het van tevoren duidelijk is voor de studenten wat er verwacht wordt en opgeleverd moet worden, dit is van grote waarde voor de rust bij leerlingen/studenten en dat veel docenten daar een voorbeeld aan kunnen nemen. Verder zal ik mijn eigen WOII-onderwijs wel op een andere manier vormgeven dan ik tot nu toe bij veel van mijn stagebegeleiders en oude leerkrachten heb gezien. Wijk af van de gebaande paden, laat veel beelden zien, laat leerlingen zelf ontdekken en zelf een mening vormen op basis van wat ze lezen en zien. Wees kritisch op wat er gezegd wordt en wat er ontdekt wordt door leerlingen ten opzichte van WOII. Probeer ook zelf steeds ‘verder te kijken dan je neus lang is’ en kritisch blijven kijken en nadenken over wat je ziet.

Daan de Vries.

21-01-2019

Bergen Belsen - Mittelbau Dora - Buchenwald, januari 2019.


Bergen Belsen.
Het eerste kamp dat wij gaan bezoeken in Duitsland is Bergen Belsen, een ander soort kamp dan  wij in Nederland hebben bezocht, want die kampen waren er vooral om mensen op te vangen en daarna door te sturen naar andere (werk)kampen. Een plek waar duizenden mensen gestorven zijn van de honger. Waar je nu aan komt rijden door een mooi bosrijk gebied en je bijna zou denken dat er hier wel ergens een vakantieverblijf zal zijn omdat het zo’n mooie omgeving is. Maar niks is minder waar, er was hier een kamp waar veel ellende heeft plaatsgevonden en waarvan de omgeving later zeiden dat zij van niks hebben geweten. Waar de bewoners van omliggende dorpen gingen kijken wanneer er treinen aankwamen en dan mensen gingen bespugen, naroepen of zelfs uitschelden. Het is niet te bevatten hoe een mens zo gehersenspoeld kan worden en een haat kan krijgen voor een bepaalde bevolkingsgroep. Die haat wordt er zo hard ingeperst dat de mensen een hekel krijgen aan andere mensen omdat zij ‘anders’ geboren zijn. Wanneer ik bij het platform de tunnel zie waardoor de mensen vanuit de trein doorheen moesten lopen en mij dan inbeeldt dat er mensen boven die tunnel over de reling naar beneden hangen om te kijken naar deze mensen. Dat zij zich sterk en machtig voelen als groep en dat zij zichzelf het recht geven om deze mensen te kleineren. Zou je dan na de oorlog wanneer je weer bij je normale besef komt jezelf dan nog recht in de spiegel aan kunnen kijken? Zou je jezelf zo hard schamen dat je daarom maar zegt dat je er niets van geweten hebt?  Ik kan het mij niet voorstellen hoe een mens zo zou kunnen veranderen, maar ik heb ook niet in die tijd geleefd. Was het misschien overleven en dat je daarom mensen zo gaat kleineren? Ik weet het niet en ik hoop er ook nooit achter te komen. Maar dit geldt niet alleen voor de omstanders maar ook voor de SS-soldaten die in de kampen werkten, natuurlijk waren zij niet allemaal slecht, maar het overgrote gedeelte wel. Zij wilde hogerop komen en deden er van alles aan om een hoger functie te krijgen en om maar gezien te worden. Zij deden steeds gruwelijker dingen met de gevangenen en dat allemaal voor hun eigen belang.

Mittelbau Dora.
Ik merkte dat ik zin had om naar deze locatie toe te gaan, dit had mede te maken met het feit dat wij de berg in zouden gaan waar de gevangenen de raketten hebben gemaakt. Ook had ik van tevoren gehoord dat alles er nog ligt zoals zij de berg hebben aangetroffen met de bevrijding. Dit was terug te zien in de rommel die onder je bevond wanneer je over de ‘brug’ liep. Toch vond ik het ook wel een beetje spannend, want wat als de berg opeens de tunnels in zou laten storten, dan is het voorbij. Maar toen dacht ik heel realistisch dat dit er al meer dan zeventig jaar intact is en dat er al zoveel mensen voor mij de berg in zijn gegaan. De tunnel richting de maquette was lang en donker, indrukwekkend. Toen wij door de deur kwamen waar de maquette stond en de gids het licht aan deed was ik onder de indruk. Zo hoog had ik het mij niet ingebeeld ik had verwacht dat de plafonds niet veel hoger waren dan dat wij zouden zijn. Wat eigenlijk helemaal niet logisch is als je bedenkt dat de raketten hier ook gemaakt werden. Er is hier hard gewerkt, dat kan je zien aan hoe breed en hoog de tunnels zijn. En dat allemaal met de mensenhand gemaakt, erg bijzonder om te zien. Ook dat het tunnelsysteem meer dan vijftig kilometer lang is en allemaal met de hand gemaakt is. Het sfeertje in de berg vond ik ook erg bijzonder, niet te veel licht en dat hoe het nu gemaakt is voor bezoekers zo modern is. Dit is af te zien in de maquette maar ook in de bruggen. Je kan merken dat hierover nagedacht is. Wij konden een klein stukje van het tunnelsysteem betreden, de rest is afgesloten voor bezoekers. De tweede dag hebben wij een rondleiding gehad over het kampterrein. Helaas lag er sneeuw, hier kon je soms niet de grote van gebouwen of van bijvoorbeeld de appelplaats zien. Maar aan het weer kunnen wij niks veranderen. Het was een ‘mooie’ tocht over het terrein, we zagen verschillende fundamenten van gebouwen en het kamp was in het bos gebouwd waardoor wij door de bomen liepen. Het ziekenhuis gedeelte lag wat meer de berg op, en wij eindigde de rondleiding bij het crematorium. Het crematorium is nog intact, alleen sommige binnenmuren zijn eruit gesloopt. Buiten bij het standbeeld merkte ik dat ik onder de indruk was hoe deze gemaakt is. Je kijkt naar de hoofden en je kan er zoveel emoties uithalen. Ook hoe de mannen afgebeeld waren, de ene strijdend en de ander bijna de hoop opgegeven. Prachtig. Het was jammer dat wij het monument voor de nabestaande niet goed konden zien omdat die onder gesneeuwd was. Binnen kregen wij nog een foto te zien met daarop een luchtfoto van hoe het kamp eruitgezien heeft. Ook maakte de gids een verspreking dat hij ons een goede reis wenste met de trein. Dit maakte het einde wel wat luchtiger en ging iedereen met een minder somber gevoel terug de bus in.

Buchenwald.
De laatste locatie van onze drietal excursies. Ik merk dat mijn hoofd al wat vol begint te raken van alle informatie die ik voorgaande dagen al heb gekregen. Ook begint de vermoeidheid wat op te spelen. Maar ik ben ook erg nieuwsgierig naar deze locatie, vooral omdat hier meer staat dan bijvoorbeeld een Bergen Belsen. Helaas lag het terrein onder de sneeuw waardoor wij de fundamenten van sommige gebouwen die ik op foto’s gezien heb niet terugzien. Wel de gebouwen zoals de gevangenis, het depot, de wachttoren, de dierentuin en het crematorium kunnen wij wel bekijken. De gids is een man die veel kennis heeft en goed kan vertellen maar helaas vaak zijn verhaal al begint wanneer de groep nog niet compleet is waardoor je soms de context mist waar hij over praat. Dit is jammer, want iedereen is wel geïnteresseerd. Ook merk je soms dat de gids een locatie of gebouw al vaker heeft gezien en er snel doorheen wilt, maar voor ons is dit allemaal nieuw en willen dan graag sommige dingen bekijken. Het is wel een bizar idee dat wij slapen in een voormalig gebouw van de SS. Helemaal wanneer er vrijdag een groep hangjongeren op de parkeerplaats staan met harde muziek uit de auto’s. Het lijkt mij dat je een bewuste keuze maakt om hier te gaan staan met een groep. Er klinkt hardcore uit de auto, deze muziek hoort bij de subcultuur (neo) nazi’s. Het valt mij ook op de gebouwen en de omgeving erg schoon en opgeruimd zijn. En er wordt hier ook erg op gelet. Ik merk dat vrijdag mijn hoofd erg vol zit en er eigenlijk geen nieuwe informatie meer bij kan. Het gedeelte over de Sovjet dat zij het kamp na de oorlog overgenomen hebben is voor mij nieuw. Maar er kan geen nieuwe informatie meer bij en dit is eigenlijk wel jammer. Ik luister naar de verhalen van de gids bij het grote monument die er geplaatst is maar raak snel de draad kwijt. Dit komt omdat ik niet veel over dit onderwerp weet en omdat mijn hoofd zo vol zit met informatie van de vorige dagen. Ook is het die dag erg koud en er staat veel wind bij het monument. Misschien moet ik dan toch nog een keer terug naar dit terrein om dan het verhaal te horen over deze tijd van het kamp. 

Marloes de Boer.



01-11-2018

‘In Oorlog en Liefde’


Voorstelling Minor WO2 HU In oorlog en liefde
Op dinsdag 30 oktober speelde Timo Waarsenburg voor de deelnemers van de minor de voorstelling ‘In Oorlog en Liefde’. 
De voorstelling vertelt het verhaal van Hans Beckman, geboren in 1919. Hij volgt een opleiding aan de Koninklijke Militaire Academie. Als Nederland bezet wordt, moet hij daar niet zoveel van weten. Zijn vader is één van de oprichters van de Oranjewacht, een verzetsgroep. Samen met zijn vader is Hans betrokken bij verschillende illegale activiteiten.
 
Als zijn vader in het Oranjehotel in Scheveningen terecht komt, besluit Hans in het najaar van 1942, als hij 21 is, naar Zwitserland te vluchten om vanaf daar Engeland te bereiken. Dit doet hij samen met zijn broertje Rob van 18. In de eerste instantie loopt de reis voorspoedig, tot ze bij een grenscontrole beschuldigt worden van geldsmokkel en in de gevangenis terecht komen.
Na een paar maanden in de gevangenis, worden de broertjes Beckman op transport gezet. Ze komen in Auschwitz terecht. De omstandigheden zijn verschrikkelijk. Toch lijkt er voor Hans een lichtpuntje te verschijnen: tijdens zijn kampbaantje ontmoet hij in 1944 de Joegoslavische Noëmi Trpin. Hij wordt verliefd. “Na de oorlog trouw ik met je”, zegt hij haar, en ze moet lachen. Desondanks geeft ze hem haar thuisadres, wat hij in zijn hoofd prent.
 
Ondertussen komen de geallieerden steeds dichterbij en worden de gevangenen dieper Duitsland ingestuurd. Het lukt Hans en Rob om op een gegeven moment uit de trein te ontsnappen en ze komen in een Tsjechisch ziekenhuis terecht. Vanuit daar kunnen ze uiteindelijk naar huis. Onderweg komen ze erachter dat hun vader in een concentratiekamp is doodgeslagen door een bewaker, maar dat hij door de andere kamp gevangen erg bewonderd werd. Thuis blijkt dat ook de jongste broer Jan mee heeft gedaan aan het verzet, en dat ook moeder Beckman zich heeft ingezet en Joodse onderduikers in huis heeft gehad. Noëmi blijkt de oorlog te hebben overleefd. Zij en Hans schrijven elkaar, besluiten te trouwen en Noëmi komt naar Nederland. Ze krijgen twee kinderen, twee kleinkinderen en één achterkleinkind. Ze blijven bijna 65 jaar getrouwd, tot de dood van Hans Beckman in 2011.

Ilona Naaijkens, die de minor volgt, vond de voorstelling heel interessant. “Het was eerst even inkomen. De man begon namelijk meteen in zijn karakter en dit had ik eerst niet door. Toen hij verder ging vertellen ging het heel erg snel. We werden overstroomd met ervaringen en gebeurtenissen. De man vertelde wel goed! Hij verplaatste zich goed in het karakter en liet mij echt de emoties voelen. Ik vond het heel mooi dat in zo’n heftige situatie toch twee mensen de liefde hebben gevonden.”
 
Timo Waarsenburg vond het erg leuk om voor ons te spelen. “een duidelijk zeer geïnteresseerd publiek dat de hele vertelling aandachtig luisterde en achteraf ook volop vragen stelde.” Hij vindt het belangrijk dat het verhaal van Hans Beckman verteld wordt. “Het is een verhaal met een belangrijke boodschap. De geschiedenis is een aaneenschakeling van oorlogen. Toch neemt de tweede wereldoorlog in dat palet een aparte plaats in. Door de holocaust, de georganiseerde en systematische uitroeiing van een complete bevolkingsgroep, niet om wat ze deden maar om wie ze waren. Dat mensen als wij eigenlijk zomaar, in een paar jaar tijd,  kunnen verworden tot vervolgers of vervolgden. Dat mag nooit meer gebeuren. En om die reden mag wat toen is gebeurd nooit vergeten worden. Tezelfdertijd is het belangrijk om te laten zien dat er altijd toekomst is. Dat op elke bodem, hoe dor of verschroeid ook, liefde wortel kan schieten.”

Yuki Hochgemuth