06-11-15

Een Duivelse transitie (2)



Goed en fout, dader en slachtoffer blijven moeilijke begrippen, maar in de Holocaust ook onvermijdelijke begrippen. Goed en fout zijn bijzonder gemakkelijke termen om rond te slingeren. Niemand zal lang moeten nadenken over wat er onder goed en wat er onder fout hoort, wat betreft de Holocaust. 

Maar misschien is het soms nodig daar wel langer bij stil te staan. Niet om iets goed te praten of te vergoelijken maar voor een beter begrip van beide termen in de setting van de Tweede Wereldoorlog. 

Niet elke nazi was psychopaat. Was het maar zo, dan was alles veel makkelijker te verklaren en begrijpen. Maar het beangstigende is nou juist dat dit hele normale personen waren. Hele normale personen die in staat waren het meest abnormale te doen. En vanaf een veilige afstand, zo’n 70 jaar, is het makkelijk de hele Holocaust als onmenselijk te beschouwen. Maar hij is uitgevoerd door mensen. Mensen gevoed door macht en indoctrinatie, die dus in staat bleken te zijn mensen in gaskamers te stoppen, levend in ovens te gooien en systematisch uit te roeien.

En de ware sadistische aard kwam naar boven bij de mensen die het kamp in plaats van de schoorsteen ingingen. Dat bleek een plek te zijn waar de gruwelijke aard van de mens vrij spel kreeg. Vernederingen, mishandelingen en ontmenselijking waren aan de orde van de dag. Het kamp bleek een broedplek voor alle uitingen van de mens, de verborgen, diep begraven aard. En dat bleek aan beide kanten zo te zijn.De SS-ers uiteraard, maar ook de slachtoffers. Hele normale mensen, weggetrokken uit hun leven wat tot op dat moment, ondanks de al heersende terreur, nog redelijk normaal was in de meeste gevallen. Zodra ze het kamp binnenkwamen was dat allemaal weg. Zo blootgesteld aan de gruwelijkheden dat ook hun menselijkheid in sommigen gevallen wegviel. Apathisch en gedreven alleen door honger en overlevingsdrift, soms zelfs ten koste van hun eigen familie.

Het werkt dus eigenlijke beide kanten op. Juist door het ontmenselijken van hun slachtoffers konden de Duitsers in het kamp doen wat ze deden. Het waren geen mensen meer en dus was het makkelijker en meer te rechtvaardigen waar ze mee bezig waren. Het beeld van de gevangenen hielp hier alleen maar meer bij. Uitgemergeld en vies, allen leken ze op elkaar. Net als dat bijna iedereen wilde overleven en langzaam werd geforceerd om zich dierlijk te gedragen. Dit zagen de Duitsers uiteraard, wat voor huw weer een bevestiging was dat het inderdaad niet meer dan vee was. Het was een soort lugubere, psychologische vicieuze cirkel. 

Bij de lezing van Christophe Busch keken we alleen naar de dader. Naar de ‘slechte’ kant. Als je wilt begrijpen hoe dit ooit heeft kunnen geburen is dat ook de kant waar je naar moet kijken.

Teri Soekkha