26-11-14

Bergen Belsen, 25-11-2014



De tweede dag van de excursie begon de groep in het klaslokaal. Daar wilde onze gids Felix met behulp van verschillende filmbeelden van interviews met omwonenden de volgende vraag beantwoorden: Waarom werden de gevangenen niet door de omwonenden geholpen? De inwoners van de dorpjes zijn omstanders die heel direct met het kampsysteem van het nationaal socialisme geconfronteerd werden. Zij zagen de stoeten met gevangenen door hun woonplaatsen gejaagd worden. Vlakbij de akkers waar zij hun gewassen verbouwden werden massagraven aangelegd voor omgekomen gevangenen. Ook vertelde een vrouw dat er een keer een ontsnapte gevangene aan huis kwam om voedsel te bedelen. Zij kon zich nog heel goed de angst herinneren die zij voelde. Maar de angst waarvoor? Angst voor de uitgemergelde gevangene met zijn gejaagde blik in de ogen, of angst voor de mogelijke gevolgen als zij deze gevangene hulp zouden geven? Angst voor het regime was wel aanwezig en de gevangene zal ook wel een beangstigende indruk gemaakt hebben op een jong meisje. Indoctrinatie van het regime heeft ook een grote rol gespeeld. Gevangenen waren nu eenmaal een logisch gevolg van de oorlog. De Sowjet-gevangenen kregen wat ze verdiend hadden. Zij waren immers de vijand.  Voor misdadigers tegen het regime gold hetzelfde. Maar hoe zit het dan met vrouwen en kinderen? Wat voor misdaden hadden zij dan begaan? Felix haalde een punt aan wat voor mij wel een eye opener was. De regio profiteerde van het concentratiekamp. Er moest eten, voedsel en andere voorzieningen aan het kamp geleverd worden. Bewakers kwamen in de regio hun soldij uitgeven. Heel simpel gezegd, het kamp bracht geld in het laatje en dus waren de omwonenden best bereid de andere kant op te kijken.

Vervolgens ging de groep onder leiding van Felix verder over het onderwerp herdenken. Middels een werkvorm probeerde hij de groep te laten nadenken over de verschillende soorten redenen om te herdenken of juist niet te herdenken. Een onderwerp waar met de kennis van de vorige dag aardig over gediscussieerd kon worden. Als uitkomst kwam naar voren interne en externe motivatie. Interne motivatie door bijvoorbeeld verbondenheid met de slachtoffers, respect betuigen et cetera. Externe motivatie door educatie, nationale herdenkingsdagen en jubilea. Zoals bijvoorbeeld dit jaar 70 Market Garden. Daar werd dit jaar door herdenkingsorganisaties en de overheid veel budget vrijgemaakt. Jammer genoeg is hier volgens Felix ook sprake van een prestigekwestie van verschillende herinneringscentra in Duitsland onderling. Elke Duitse deelstaat die in het bezit is van een of meerdere herinneringscentra zijn pakken flink uit voor het komende jaar wanneer 70 jaar bevrijding wordt herdacht. Niet alle motieven om te herdenken blijken dus even nobel te zijn.

Als laatste gingen de studenten in groepjes aan de slag met verschillende opdrachten. Hoe kan het herinneringscentrum en de monumenten voor leerlingen concreet gemaakt worden? Wat voor mogelijkheden biedt het documentatiecentrum? Wat is de rol van de docent in de voorbereiding en evaluatie van de excursie? Het was interessant om te bezien waarin de studenten die een educatieve opleiding volgen en de studenten die een non-educatieve volgen van mening verschilden. De educatieve studenten keken meer naar de excursie met het oog op leerlingen. Terwijl de non-educatieve studenten meer het informatieve en beleving benadrukten. De belangrijkste discussie besloeg de toekomst van het herinneringscentrum. Hoe nu verder? De jongere generaties zijn gewend te leven in een maatschappij waarbij zij continu toegang tot informatie hebben via een telefoon, tablet of computer. Ze zijn daarbij zeer individueel ingesteld. Kan Bergen Belsen in deze behoefte gaan voorzien zonder dat het een soort van Disneyland wordt waarbij bezoekers een soort van concentratiekamp experience ondergaan? Ook onder een deel van de studenten leefde de wens om meer concrete informatie of voorbeelden van het voormalige ten toon te stellen. Uit interviews met overlevenden van het kamp bleek echter dat zij juist blij waren dat het centrum nu zo’n rustige plaats is die op geen enkele wijze meer aan het kamp herinnert. De medewerkers van Bergen Belsen staan in de toekomst voor een grote uitdaging om aan de behoeftes van de verschillende generaties tegemoet te komen. Waar liggen de scheidslijnen tussen onderwijzen, informeren, inleven en herdenken? Ik vind dat het herdenken altijd de hoofdreden zou moeten zijn om Bergen Belsen te bezoeken. Bij educatie hoort ook vorming. Het bijbrengen van gepast respect bij leerlingen is een belangrijke taak voor de docent. Een taak die zeker niet gemakkelijk is omdat leerlingen andere achtergronden, normen en waarden bezitten. De individuele leerling zal het bezoek op zijn eigen manier ervaren en verwerken. Aan de docent de waardevolle taak er voor de leerling te zijn en hem te helpen de nieuw verworven kennis extra betekenis te geven.

Marcel van Driel