04-11-13

Dualiteit - november 2013




Voordat we het toneelstuk ‘De Uitvinder’ gaan zien, heb ik geen idee wat ik kan verwachten. Ik weet dat het een toneelstuk is, maar daar blijft het bij. Zo vind ik het ook eigenlijk het leukst, ik laat me graag verassen.
En verrast ben ik zeker als we plaatsnemen in een klein ‘toneel lokaal’. Voor mij zit een man op een kruk, hij is wat ouder en heeft legerlaarzen aan. Het podium is ingericht met een kast vol met boeken, en hij is bezig met het verven van een plastic soldaatje. Mijn nieuwsgierigheid is in ieder geval gewekt.
Ik wordt niet teleurgesteld. Deze man verteld op een heel plezierige manier, alsof hij tegen vrienden praat, het levensverhaal van Fritz Haber, die zichzelf beroemd maakte door in de Eerste Wereldoorlog de eerste te zijn die het nut van het gebruik van gas als massavernietigingswapen zag. Zijn vrouw vond dit verschrikkelijk en pleegde uiteindelijk zelfmoord. Fritz Haber komt ook te boek te staan als de man die Zyklon-B uitvond. Hetzelfde Zyklon-B dat in de Tweede Wereldoorlog wordt gebruikt in de gaskamers van de vernietigingskampen. Opvallend om hierbij te melden is dat Fritz Haber een jood was. Gelukkig heeft hij nooit hoeven zien wat zijn uitvinden heeft uitgericht tegen zijn eigen volk. De voorstelling is zeer interessant. Het zet me aan het denken.
Goed of fout? Dat blijft een veelvoorkomend thema deze minor. Na mijn korte samenvatting zou je zeggen fout, maar als ik de acteur die deze voorstelling al jaren speelt vraag of hij deze Fritz de hand zou schudden als hij de kans kreeg hem te ontmoeten zeg hij ja. Zwart/wit denken is bijna niet mogelijk in deze situaties. Ik raak er steeds meer van overtuigd dat we beide kanten in ons hebben en niet altijd bewust de zwarte kant kiezen. Net als cartoons vroeger met een duivel en een engel op onze schouder is elke keuze een keuze die je maakt met de kennis en de vermogens die je op dat moment hebt. Achteraf praten blijft makkelijk. Mensen vermoorden is slecht/zwart/fout, toch? Of toch niet?
Dit thema speelt door in de bijeenkomst die we met Wim hebben, niet veel later. Het verzet. Een pure goede keuze. Als je bij het verzet hebt gezeten mag je daar altijd trots over zijn. Of toch niet? Wim laat zien dat het verzet ook talloze onschuldige levens heeft gekost en niet altijd wat opleverde. Of vaak heel weinig opleverde. Mensen gingen niet altijd uit menslievendheid bij  het verzet. Een zucht naar spanning en avontuur was ook een veelvoorkomende reden. Op de film die we zien zegt de man die in het verzet heeft gezeten dat hij zich ‘Euforisch verheven’ voelde tegenover de grijze massa.
Deze zelfde man schiet een NSB-er dood. Er is sprake van zelfverdediging, maar hij wist van te voren dat de NSB-ers er zouden staan en in plaats van om te rijden hadden ze besloten zich ‘erdoorheen te schieten’. Ze hebben zelfs hun wapens op scherp gezet. Dat is de definitie van voorbedachte rade. Moord. Maar omdat het om verzet gaat is dat dan niet erg? Ik merk dat ik geneigd ben deze verzetsman te veroordelen voor wat hij heeft gedaan. En tegelijkertijd begrijp ik het ook. En veroordelen met mijn kennis vanuit mijn veilige wereld is dat misschien ook niet eerlijk.
Deze dualiteit is voor mij een rode lijn door deze minor. Afgewisseld met pure horror, kippenvel, af en toe nachtmerries, verbazing en bewondering. Een achtbaan van emoties en gedachten. Ik merk dat gesprekken voeren met de groep me goed doet en dat ik blij ben dat ik niet de enige ben die het allemaal zo intens vind. Er is een proces aan de gang in mij dat ik moeilijk kan beschrijven. 
Ik begon deze minor als blondine, zoals ik dat al 7 jaar ben, en heb van de week mijn haar bruin geverfd. Het paste niet meer bij me. Misschien kan ik het zo het beste uitleggen. 

Eline Jansen