19-09-13

Beelden - september 2013 (2)



De tweede keer in Utrecht. We hebben de vooropdracht om de reader ‘Gebruik beeldmateriaal’ door te lezen maar ik heb een rot week en kom er niet aan toe. Door dezelfde rot week vergeet ik de reader in kwestie ook nog mee te nemen. 
Ik merk tot mijn verbazing dat ik wel erg zin heb in deze bijeenkomst. Ik begin uit te zien naar de dinsdagen.Verwachtingen heb ik niet echt. Ik heb me te weinig verdiept in wat we gaan doen. Daar baal ik van, maar het is niet anders. In de bus kijk ik samen met Rosalijn de reader door. Veel interessant leesmateriaal. Ik lees de lijst met filmpjes door die we gaan kijken. De meeste heb ik gezien, maar ik ben erg benieuwd hoeveel dit materiaal klopt met de werkelijkheid. Ik denk dat ik daar deze bijeenkomst het antwoord op ga krijgen.Rosalijn en ik zijn veel te vroeg, wel heel fijn na de laatste keer te laat te zijn geweest. We kletsen en kijken bij elkaar in het portfolio. We hebben het heel anders aangepakt: mijn portfolio bestaat uit verhalen, emoties, beelden, beschrijvingen. Rosalijn heeft de vragen beantwoord. Ik weet niet zo goed wat beter is. Ze vind mijn portfolio mooi maar mist structuur. Dat begrijp ik ergens wel. Ik weet alleen niet of ik dat zo slecht vind. Ik neem me voor een buitenstaander eens te laten kijken of hij/zij mijn portfolio kan volgen of dat ik echt zoals de anderen de vragen boven elk stukje moet zetten en die dan beantwoorden.
Als we kunnen beginnen krijgen we eerst een stuk over lesgeven over de Tweede Wereldoorlog. Voor mij persoonlijk niet zo interessant omdat ik geen lesgeef en ook geen aspiraties richting die hoek heb. Ik maak wel wat aantekeningen. Daarna gaan we de filmpjes kijken. Wim vraagt ons te kijken naar het perspectief van het beeldmateriaal: wie zijn de daders, wie de slachtoffers en wie de omstanders? Dat blijkt soms nog verassend vaag en moeilijk te identificeren te zijn. Soms zijn Duitsers slachtoffers, soms daders, soms omstanders. Soms zijn mensen in het verzet slachtoffers, soms omstanders, maar soms ook daders. Ik verbaas me erover als ik hoor dat na de oorlog mensen die ‘fout’ waren of leken werden opgesloten in de voormalige concentratiekampen en daar slecht werden behandelend. Sommigen overleden zelfs. Die daders zijn in de ogen van sommige mensen helden en ze hebben ook zeker heldhaftige dingen gedaan, maar kan je daarmee echt verantwoorden dat ze na de oorlog mensen zonder proces hebben opgesloten en soms zelfs gedood. Ben je dan niet minstens net zo fout? 
Ik vind het erg interessante materie.Het laatste dat we kijken is een documentaire, gericht op kinderen dat ’13 in de oorlog’ heet. Het gaat over de tijd na de oorlog, joden die terugkomen naar huis, getraumatiseerd van alle vreselijke dingen die ze hebben gezien en de mensen die ze zijn verloren. Na een hele tijd komen ze ‘thuis’  en merken ze dat hun thuis eigenlijk niet meer bestaat. Dit word heel mooi vanuit het perspectief van een 13 jarig jongetje verteld. Het is vrij hartverscheurend om te zien hoe hij nergens terecht kan en haast behandeld wordt als een dader in plaats van een slachtoffer. Mijn pedagogen hart gaat ervan bloeden. Kleine verhalen maken altijd meer impact dan het grote geheel, heb ik gemerkt.
In het laatste half uur, inmiddels redelijk gaar van alle discussies en het kijken, bespreken ik met een groepje wat we hebben gezien en hoe we het vonden. We praten ook over de vorige bijeenkomsten. Uiteindelijk zijn we het erover eens dat we elke bijeenkomst of excursie weer een aanvulling is voor onze beeldvorming over de Tweede Wereldoorlog. Het is erg verhelderend om eens met anderen te praten over wat deze bijeenkomsten nou met je doen, want het is toch elke keer weer heftig en intensief. Maar ik kijk er ook weer naar uit, week na week. 

Eline Jansen