04-10-12

4 oktober 2012 / Kamp Westerbork: Westerbork - Buchenwald

Gorredijk - Weimar


In 1940 woonden er in het Friese dorp Gorredijk veertien Joden. Veertien werden tijdens de Tweede Wereldoorlog via kamp Westerbork weggevoerd, waarvan er twaalf werden vermoord.
Er waren twee overlevenden: Herman Leefsma en zijn moeder Rebecca Leefsma- de Vries.

Uiteindelijk is Herman de enige die na zes concentratiekampen overleefd te hebben terugkeert in Nederland. Bij terugkomst in Nederland wordt hij niet met open armen ontvangen. 

Dat gold vrijwel allen die terugkeerden uit de kampen, maar met name de Joden.

De regering wilde deze groep niet een aparte status als slachtoffer toekennen, dat zou de eenheid van de natie en daarmee de wederopbouw in gevaar kunnen brengen.

Herman probeert direct na de oorlog in Gorredijk de kledingzaak die zijn ouders daar hadden weer op te starten. Dat gaat moeizaam, zeker wanneer hij al vrij snel een belastingaanslag ontvangt.

De Nederlandse staat vraagt hem belasting te betalen over de periode 1942-1945. De periode waarin Herman in de concentratiekampen verbleef. Ook de periode waarin een SS-er de zaak had “overgenomen”. Er is echter geen ontkomen aan: Herman moet betalen. Uiteindelijk doet hij er elf jaar over om - niet zijn schuld - aan de belasting te voldoen. 

Ook op andere terreinen komt Herman na terugkeer in de problemen. Aangezien hij met een nierontsteking en tbc uit de kampen terugkeerde, wilde geen enkel ziekenfonds hem verzekeren. Gevolg is dat hij zijn medische behandeling zelf moet betalen.

Het kan nog erger. In 1955 krijgt Herman een rekening gepresenteerd. Een rekening van de Nederlandse staat waarin men hem verzoekt te betalen voor kleding en schoeisel, dat hem na de bevrijding in ’45 – toen hij niets meer bezat dan de lompen om zijn lijf – werd uitgereikt.

Uiteindelijk is Herman ge├źmigreerd naar de VS, waar hij in 2002 is overleden. 

Dat de in Nederland wonende Joden voor- en tijdens de bezetting in het algemeen op weinig sympathie van de bevolking konden rekenen is wel bekend. Dat er na de oorlog meer antisemitisme was dan daarvoor, is wat minder bekend. Maar in het geval van Herman Leefsma is van dat laatste zelfs nog geen sprake. Wel van ongeïnteresseerdheid, onverschilligheid en bureaucratie.

Een bijzonder verhaal? Nee, een verhaal dat door meerdere mensen verteld zou kunnen worden, in die zin uitermate illustratief voor  het lot van de Joden en zij die na de oorlog terugkeerden. 

Wel bijzonder is de link met een “beroemde foto”, een beeld, of misschien wel een icoon van de nazi terreur, de foto van de gevangen in een barak in Buchenwald. Buchenwald was het laatste kamp waar Herman gevangen zat en in april 1945 werd bevrijd.

In bovenstaande foto, op de eerste laag van de britsen, is in het midden een bed met vier mannen te zien, de eerste van die vier, links, is Herman Leefsma.

Wim Borghuis.