04-12-09

23 - 28 november 2009 Bergen Belsen Buchenwald dag 6 / Buchenwald -Utrecht


Het is 6.45 en ik ben voor de wekker afloopt al wakker en ga maar richting badkamer.
Richard is aan zijn laatste plank begonnen en ik ga douchen en de laatste dingen inpakken. Môhgú, hoor ik ineens onder een hoopje dekbed vandaan. Richard heeft de zaagmachine uitgezet en is ook wakker. Vandaag, gaan we naar huis en ik ben er niet rouwig om. Ik heb deze week( Denk ik.), voor mijzelf afgesloten en nu wil ik terug naar mijn gezin. We pakken onze spullen en ik ga alvast ontbijten, want Richard is nog even bezig. Na het ontbijt loop ik Daniël tegen het lijf en hij deelt nog een paar boekjes aan mij uit. Ik bedank hem nog voor de fijne lessen en zijn wijsheid. Daniël vind ik een lichtend voorbeeld voor iedere startende docent. Nee, dat moet ik anders opschrijven: voor veel docenten. Want ik ken nogal wat docenten die zonder inspiratie en op de automatische piloot werken. Ik gooi mijn rugzak onder in de laadruimte van de bus en sta buiten nog even uit te waaien. In tegenstelling tot de afgelopen week, zit ik nu op uitnodiging van Jessica en Xanne achter in de bus. Het gaat een lange reis worden en met een beetje praten en lachen, gaat de tijd wat sneller.

Als we het kamp afrijden zwaait Daniël ons uit en ik kijk nog een keer om mij heen.
Dat ik hier geweest ben kan ik nog niet helemaal bevatten. We rijden een aantal uren door Duitsland. Ik maak een paar foto’s van de zoon die ik altijd al gehad had willen hebben.Er wordt film gekeken, al snap ik niet helemaal waarom er nu naar een oorlogsfilm wordt gekeken, na een week als deze. Het geluid van geweervuur en inslaande granaten vliegt me rond de oren en ik besluit dat het I pod tijd is. Later wordt er nog naar een romantische film gekeken die in ieder geval een stuk minder luidruchtig is. We stoppen onderweg om wat te eten en drinken. Ik koop een hele foute zonnebril en volgens Martijn zie ik er nu uit als Karl Lagerfeld. De rest van de rit in Duitsland, zitten Richard, Xanne en ik te praten over “Het Leven”.Onderwerpen als uitgaan, werk, relaties en kinderen zijn de dingen waar we het over hebben. We nadere de grens en iedereen wordt nu een beetje ongedurig. We zijn bijna thuis en dat is aan iedereen te merken. Onderweg zetten we Jan, Quintina en Sergej af en rijden door naar Utrecht. Als we daar aankomen worden sommige van onze groep opgehaald door familie en vrienden. Ik moet nog even, voordat ik mijn geliefde in de armen kan sluiten. Martijn staat te roepen, Hans Kom nou!, Hans we moeten gaan!, Hans we moeten de trein halen! Hierdoor word ik een beetje chaotisch in mijn kop en loop zo weg van de groep zonder fatsoenlijk afscheid te nemen. Ik draai me om en zie Richard midden in de groep staan en ik denk, “shit ik heb mijn maatje van de afgelopen dagen niet eens gedag gezegd”. Ik loop naar hem toe en we vliegen elkaar in de armen en slaan elkaar op de rug. Ik wens hem een goed weekend en tot dinsdag. Als ik de straat oversteek, roept Xanne mij nog een heel goed weekend achterna. Ik kan nu niet meer terug lopen en sms haar en Jessica met excuses voor het overhaaste afscheid, volgende keer doen we dat beter. We staan met ze zessen van de groep in de bus richting het station. Onderweg stappen Johan en Paul uit en op het station de rest. Ik geef mijn aangenomen zoon Rik nog een berenknuffel en ga met Martijn richting Amsterdam. Onderweg evalueren we de week een beetje, maar verder hebben we niet zoveel meer te bespreken. In Amsterdam wens ik Martijn een fijn weekend toe en daar sta ik dan, alleen op perron 5, voor het eerst deze week zonder mensen om me heen. Ik ben aan de vroege kant dus ik besluit om deze week in stijl af te sluiten. Ik ga naar het stationscafé en bestel een groot bier. Ik mijmer nog even over deze afgelopen week en ga dan snel naar huis, naar mijn meiden toe.

Als ik thuis kom is er niemand thuis, maar overal brand licht. Ik denk eerst dat ze zich verstopt hebben, maar als ik door het huis loop zie en hoor ik niemand. Ik ben thuis en er is niemand. Als ik op het punt sta mezelf ontzettend zielig te gaan vinden, gaat de deur naar de tuin open en komt mijn jongste, Jade binnenlopen. De blik op haar gezicht is onbetaalbaar. Haar ogen worden twee keer zo groot en ze vliegt op me af ,PAPA!. Het blijkt dat ze eventjes een vriendinnetje naar huis hadden gebracht. Esther en Amber komen ook binnenlopen en de knuffels en zoenen gaan over en weer. De cadeautjes vallen in goede aarde en de avond is nog jong en het is zaterdag dus de kinderen mogen wat langer opblijven. De kinderen blijven de rest van de avond op mijn schoot zitten.Ik neem bij het naar bed gaan van de kinderen, mijn vertrouwde rol van het voorlezen weer op mij en lees twee verhaaltjes van Annie M.G. Schmidt voor. Dan samen met Esther op de bank, met een wijntje en een biertje en Esther vertelt over haar diplomering die ik gemist heb.

En daar is die dan, de vraag waar Daniël ons voor waarschuwde “hoe was het?”.
Esther geeft aan dat ze geen details hoeft te horen, maar gewoon hoe ik het in het algemeen heb gehad. Wat ga ik hier nou op zeggen?
Ik zeg dat het een week met heel veel ervaringen was en dat we het leuk, maar ook zwaar hebben gehad. Later in het weekend vertel ik hier en daar nog wat, maar doe er verder het zwijgen toe. Het is een vreemd weekend met een zondag van wassen, eten koken en omdat het toch regent, “Blog time”. Ik mis de groep en ben blij als ik dinsdag de week kan nabespreken.

Hans van Meteren