14-10-09

Tweede Wereldoorlog educatie - 13 oktober 2009 - kamp Vught deel 1


Nationaal Monument Kamp Vught is gevestigd op een deel van het voormalige SS Konzentrationslager Herzogenbusch, ook bekend als kamp Vught.
Richard zegt terwijl wij lopen naar de fusilladeplaats in het bos: “ Ze zeggen wel kennis is macht, maar in dit geval is het hoe meer kennis hoe meer onmacht ik zie.”
De onmacht zien wij nu terwijl wij er kennis van nemen. Deze kennis moet ons de macht geven dit nooit meer te willen. Iedereen heeft recht op vrijheid, doelen, dromen, zijn eigen mening. Maar niet het recht op iemand dit te ontnemen. Dus nee meneer Wilders, ja gematigd denken, ja idealen. Ja tegen het compromis, ja tegen multiculturele samenleving, Ja tegen het individu en ja tegen het collectivisme.

Het bunkerdrama in kamp Vught

'Geloof niet alle nare berichten die naar buiten doordringen. Er gebeurt wel eens iets dat minder leuk is, maar daar komen we ook weer overheen. We hebben een beroerde week gehad, maar nu is alles weer rustig.' Dat schreef Tineke Guilonard op 6 februari 1944 (zij was toen 22 jaar) vanuit kamp Vught in een camouflerend briefje aan haar moeder; de gevangenen hadden afgesproken naar buiten met geen woord te reppen over het 'bunkerdrama'. Tineke (inmiddels sinds haar huwelijk Tineke Wibaut.): 'Het besluit niet over de bunker te praten werd stilzwijgend genomen. Niet erover praten met elkaar, niets erover laten uitlekken naar thuis. Puur lijfsbehoud. "Herinneringen eraan zoveel mogelijk invriezen, anders valt er niet mee te leven".
Hieronder een samenvatting van het bunkerdrama.

Grunewald is de tweede kampcommandant in kamp Vught. Eind november, begin december 1943 komt Chmielewski’s opvolger, commandant Grünewald aan het bewind. Grünewald heeft als SS’er bij de SS-Totenkopfdivision gevochten en heeft in verschillende concentratiekampen gewerkt. Het is zijn opdracht om van kamp Vught een modelkamp te maken. De Nederlanders moeten begrijpen dat de Duitsers wel hard straffen maar niet onmenselijk zijn. Grünewald verandert inderdaad de omstandigheden in het kamp. Een deel van de bewaking wordt vervangen en de regels worden nog strakker gehanteerd.
Een van de vrouwelijke bewakers wordt niet vervangen, ook al heeft Grünewald een hekel aan haar en vertrouwt hij haar niet. Suse Arts is een van de Nederlandse bewaaksters in het kamp die de vrouwen onder de duim moet houden. Dit lukt haar en ook de andere Aufseherinnen vaak niet, de gevangen vrouwen lachen hen uit en kletsen gewoon door. Zo ook Non Verstegen, een gevangene met communistische sympathieën en een groot charisma. Dit in tegenstelling tot Jetzini, de Duitse vrouw van een hoge ambtenaar bij de PTT. Jetzini heeft tijdens de oorlog de Führer beledigd en wordt daarom in kamp Vught gevangen gezet. Jetzini wil echter graag weer vrij komen en probeert zelf haar vrijlating te bespoedigen. Zij heeft als taak om de nieuwe gevangenen van barak 23 te ontvangen. Dit doet ze allervriendelijkst, ze stelt de nieuwe gevangenen op hun gemak en krijgt soms zelfs te horen waarom iemand in het kamp gevangen is gezet. Jetzini besluit deze informatie te gaan gebruiken. Grünewald zou Jetzini beloofd hebben om haar dossier door te kijken of er mogelijkheden zijn om haar vrij te laten. Zij hoort daarna echter niets meer van de kampleiding. Daarop schrijft Jetzini een brief naar de Oberaufseherin met het verzoek om Grünewald aan zijn belofte te herinneren. Ook op dit verzoek krijgt Jetzini geen antwoord. Wanneer zij vervolgens hoort dat er vrouwen zijn vrijgelaten die van plan zijn om weer onderduikers te gaan helpen schrijft ze een brief naar Grünewald waarin ze de namen noemt van deze vrouwen. Deze brief is door de Oberaufseherin aan Grünewald voorgelezen in het bijzijn van de telefoniste Eva. Eva heeft de inhoud van de brief vervolgens aan de vrouwen bekend gemaakt.
De vrouwen in barak 23 zijn woest, en als Jetzini bij navraag geen verklaring kan geven voor het gerucht dat zij vrouwen verraden heeft, worden er emmers water over haar heen gegooid en wordt haar matras uit haar bed gehaald. Non Verstegen komt pas laat de barak binnen maar heeft alles al gehoord. Ze verhoort Jetzini, waarop zij bekent de vrouwen verraden te hebben. De vrouwen overleggen vervolgens over de manier waarop ze Jetzini het beste kunnen straffen: moet ze de nacht buiten doorbrengen of worden haar haren er afgeknipt. Jetzini moet uiteindelijk de nacht in de dagruimte doorbrengen. De volgende dag verlaat Jetzini haar werkplek en gaat ze naar het kantoor van Grünewald. Grünewald hoort het relaas van Jetzini aan en besluit ‘s avonds de schuldige ter verantwoording te roepen. Non verklaart diezelfde dag tegenover de Oberaufseherin alle verantwoordelijkheid op zich te nemen. Daarnaast besluiten de vrouwen dat Jetzini kaal geknipt zal worden als ze nog eens iemand verraadt. Suse Arts zou nog geprobeerd hebben Non op andere gedachten te brengen met de opmerking, dat als ze Jetzini dan toch kaal knippen dit moeten doen tijdens afwezigheid van de bewakers. In de middag knippen Non en Thea Breman alsnog Jetzini's vlechten af. Jetzini ondergaat gelaten haar straf en rent daarna naar commandant Grünewald toe. Ze krijgt eerst koffie en andere kleren en wordt naar Grünewald gebracht. Nadat Jetzini haar relaas heeft verteld moet Non voor Grünewald verschijnen. Om vier uur ’s middags wordt Non daarop als een van de eerste gevangenen in de pas gebouwde bunker opgesloten.
Diezelfde avond vindt er in barak 23 een overleg plaats waarin de vrouwen besluiten zich solidair te verklaren met Non. Jetzini slaapt die nacht weer in de barak, maar na de laatste controle sluipt ze de barak weer uit. Ze moet, zo blijkt later, enige tijd op het buitenterrein hebben doorgebracht in de hoop dat ze door een wachtpost gearresteerd wordt. Waarschijnlijk is ze bang geweest dat de vrouwen nieuwe maatregelen tegen haar zullen treffen. De wachtpost ziet wel iemand rond lopen en schiet na twee waarschuwingen gericht. Jetzini wordt daarop naar de ziekenbarak gebracht. De volgende ochtend wordt er aan de kampleiding een lijst overhandigd waarop 89 namen staan van vrouwen die zich solidair verklaren met Non. Op zaterdag 15 januari 1944 rond vijf uur fietst Suse Arts het kamp uit, op weg om in haar vrije weekend haar zoontje te bezoeken. Bij de poort van het kamp aangekomen wordt Suse door Grünewald aangehouden. Suse krijgt een lijst met namen in haar handen geduwd en de opdracht de vrouwen die op de lijst staan te verzamelen. Ze wil graag weg maar Grünewald stelt haar gerust dat het niet lang zal duren. Suse werkt vervolgens de lijst af en brengt daarop de vrouwen naar de bunker toe. De vrouwen zijn luidruchtig en Suse Arts is in een slechte bui. Ze roept, dat het lachen hen wel zal vergaan. Een uitspraak die later is uitgelegd alsof Suse op de hoogte is van wat komen gaat. Suse Arts heeft altijd ontkend dat ze op de hoogte is geweest van wat zich vanaf dat moment gaat afspelen.
Aangekomen bij de bunker krijgen de vrouwen nog de mogelijkheid om naar het toilet te gaan waarna ze rustig afwachten wat er gaat gebeuren. Grünewald en zijn staf zijn dan al gearriveerd. De vrouwen laten zich vervolgens gelaten in cel 115 opsluiten, een cel van ongeveer negen vierkante meter. En opeens wordt ook Non bij de vrouwen in de cel geduwd. Dan wordt ook de tweede groep de cel ingeduwd. Er is nog zo weinig plaats dat Katja Schot op een bankje klimt om te kijken hoeveel plek er nog is. Grünewald en zijn staf blijven vrouwen in de cel duwen. Uiteindelijk worden er 74 vrouwen in de cel geduwd, waarna Grünewald met zijn laarzen de deur dicht trapt. De overige zestien vrouwen worden in cel 117 opgesloten. De vrouwen in cel 115 protesteren tegen hun lot, maar dit helpt hen niet. De Oberaufseherin roept: “Bei uns in Ravensbrück machen wir das immer so.” Ook wordt er nog gedreigd om de brandspuit op de cel te zetten. Grünewald moet zich tijdens het opsluiten van de vrouwen behoorlijk kwaad hebben gemaakt en heeft het initiatief van de vrouwen als muiterij bestempeld. De 15de januari 1944 moet een koude dag zijn geweest, de temperatuur heeft vermoedelijk maar een of twee graden boven nul gelegen. Later vertellen de vrouwen echter dat het binnen in de cel smoorheet is geweest, om te stikken zo heet. Ook is er bijna geen zuurstof in de cel. Er bevindt zich in het plafond wel een klein gat voor de aanvoer van verse lucht. Vlak bij de vloer moet de lucht weer afgevoerd worden, maar dit werkt alleen wanneer de verwarming aan staat. De verwarming staat ‘s nachts uit en er komt dan ook geen verse lucht binnen. Wel bevindt er zich een klein raam in de cel, tegenover de deur. Grünewald heeft de vrouwen nog gedreigd met maatregelen als ze dit raam vernielen, maar toch besluiten de vrouwen het raam stuk te slaan. Aan de buitenkant van de cel zit voor het raam een verduisteringsluik. Het stuk slaan van het raam helpt dan ook nauwelijks.
Nadat Grünewald met zijn laarzen de deur dicht heeft getrapt is het even stil in de cel, maar al gauw breekt er weer tumult uit. Er zitten zoveel vrouwen in de cel dat de vrouwen die flauwvallen zelfs rechtop blijven staan. Later vertellen de vrouwen dat ze de hele nacht geschreeuwd, gebeden en gehuild hebben. Ook hebben ze geprobeerd hun kleren uit te trekken om enige frisse lucht langs hun lichaam te voelen gaan. Hun zweet reageert echter met de verse kalk in de muren, daardoor ontstaat er een chemische reactie. Als de vrouwen tegen de muur staan of proberen met hun tong het condens van de muren af te likken om enig vocht binnen te krijgen, krijgen zij brandplekken op hun lichaam. Sommige vrouwen zijn waanzinnig geworden tijdens deze nacht en hebben andere vrouwen gebeten. Weer andere vrouwen vertellen later dat ze een hand of voet langs hun lichaam voelden gaan en dat ze zich pas later realiseerden dat dit de laatste stuiptrekkingen zijn geweest van de stervende vrouwen.
Waarschijnlijk is kort na acht uur in de morgen de celdeur even door een Aufsherin opengedaan. Verschrikt slaat ze de deur direct weer dicht. Iets later is de deur weer opengedaan door de Oberaufseherin, zij slaat een van de vrouwen nog om ze in de cel te laten blijven. De vrouwen buitelen echter over elkaar heen naar buiten toe. Ongeveer vierendertig lichamen blijven in het midden van de cel op een hoop liggen. Tineke, een van de jongste vrouwelijke gevangenen, is nog terug gegaan de cel in om enkele vrouwen de gang op te slepen. Ondertussen is Grünewald gearriveerd, samen met de kamparts dokter Wolters. Grünewald geeft Wolters vloekend en tierend het bevel om alle vrouwen uit de cel te halen. Samen met enkele bewakers legt Wolters de vrouwen op de gang en probeert hij sommige vrouwen nog bij te brengen. Wolters zorgt er voor dat de vrouwen eten en drinken krijgen en dat ze niet opnieuw in dezelfde cel worden opgesloten. In plaats daarvan worden de vrouwen in groepjes van vijf over de lege cellen verdeeld en krijgen ze matrassen en dekens. Dit alles tegen de zin van Grünewald in.
Niet iedereen overleeft deze gruwelijke nacht. Tien vrouwen blijken dood te zijn als de deur eindelijk open gaat. Cel 117 wordt pas rond één uur in de middag opengedaan, dan krijgen deze gevangenen pas een idee van wat zich in cel 115 heeft afgespeeld.
Het duurt tot zondagavond voor alle gevangenen uit hun cellen worden gehaald. Ze worden dan voor Grünewald geleid en van muiterij beschuldigd. De vrouwen worden gedwongen om een verklaring te tekenen waarin ze de schuld van het incident op zich nemen en worden daarna terug gebracht naar hun barak. Ook Non Verstegen moet zich voor Grünewald verantwoorden. Zij weigert te tekenen en wordt weer in de cel gezet. Op advies van enkele medegevangenen tekent zij de volgende dag toch en noemt ze ook de naam van Thea, die medeverantwoordelijk is geweest voor het afknippen van de haren van Jetzini. Grünewald neemt hier geen genoegen mee en sluit Non weer op, zij zou pas anderhalve maand later vrijkomen. Voor Thea heeft dit incident nooit gevolgen gehad, zij is de dag na het afknippen van Jetzini's haar volgens plan vrijgelaten. Suse Arts probeert op zondag alsnog bij de pleegouders van haar zoontje te komen. Als ze op het station in Utrecht aankomt hoort ze haar naam door de luidsprekers schallen. Op maandagochtend meldt ze zich bij de SD in Den Bosch en drie dagen later krijgt ze het bevel om alles nogmaals in Den Haag aan de adjudant van Rauter te komen vertellen. Nadat Suse haar relaas heeft gedaan wordt ze met een dienstauto, begeleid door twee SD-ers teruggebracht naar Vught.
Iets later schrijft de kamparts Wolters een brief naar Berlijn waarin hij vertelt over de nacht van 15 op 16 januari, niet veel later wordt hij weggepromoveerd. Ook Eva, de telefoniste, reist later naar Den Haag om daar te vertellen wat zij allemaal gezien en gehoord heeft. Grünewald heeft er alles aan gedaan om het gebeurde niet uit te laten lekken. Heel Nederland heeft dan echter al een idee van wat zich in kamp Vught heeft afgespeeld. Er zijn zelfs duizenden protestbrieven naar de SD in Den Haag gestuurd. Ook het Rode Kruis protesteert en zelfs Himmler komt naar Vught om over de toestand te praten. Kamp Vught moet juist een voorbeeld zijn is de conclusie van de SD, en wat er zich in de nacht van 15 op 16 januari heeft afgespeeld past hier niet bij. Grünewald wordt op non-actief gesteld en uiteindelijk zelfs veroordeeld door een Nederlandse SS rechter. Himmler herroept het vonnis, degradeert Grünewald tot gewoon soldaat en zorgt er voor dat hij weer bij zijn oude divisie terecht komt. Als Grünewald voor dit incident gepakt zou worden kan iedere SS’er in Duitsland wel veroordeeld worden, zo zegt Himmler.
Op 25 mei 1944 overlijdt Emma Leijen-Kalus in het Revier van kamp Vught; mede aan de gevolgen van de januarinacht in de bunker. Grünewald neemt weer dienst bij de Waffen-SS en sneuvelt in 1945 in Hongarije. Agnes Jetzini overlijdt enkele dagen na het bunkerdrama aan haar verwondingen.
Suse Arts wordt in 1948 door het Bijzonder Gerechtshof in Amsterdam tot vijftien jaar gevangenisstraf veroordeeld. Het actief en passief kiesrecht wordt haar ontnomen. In 1952 wordt haar straf met drie jaar verminderd. In 1953 wordt Suse vrijgelaten. Voor de vrouwen die opgesloten hebben gezeten in de cellen 115 en 117 zou die fatale nacht van 15 op 16 januari 1944 hun hele verdere leven bepalen.

Marion van Laar