07-01-09

6 januari 2009 - Srebrenica & Kind van foute ouders.

Wij naderen het einde van de minor.
Voor vandaag zijn twee gastsprekers het hoofdthema.

Srebrenica (Omstanders en slachtoffers)

Anne Mulder was in 1994 24 jaar jong, net afgestudeerd als econoom en moest in militaire dienst. De oorlog in voormalig Joegoslavië was net beëindigd en Anna dacht laat ik iets nuttig doen. Ik kan beter naar Dutchbat gaan dan zinloos zijn tijd door te brengen. Na een psychologische test in Groningen werd hij toegelaten tot de blauwe baretten. De opleiding begon in september '94 in Ede. Daar leerde hij met een Uzi schieten en kreeg een opleiding bij de verbindingsdienst. Hierdoor was hij altijd goed op de hoogte van wat er tijdens zijn periode in Srebrenica gebeurde. In januari was zijn opleiding voltooit en op Valentijnsdag vertrok hij naar Srebrenica. Dit ondanks de dreiging dat zijn moeder zijn benen zou breken als hij zou gaan. Voordat zij daad bij woord kon voegen zat hij al in het vliegtuig naar Zagreb. Vandaar met de bus naar de enclave Srebrenica waar Bosnische moslims moesten worden beschermd. Onderweg reed de bus door gebieden waar de Bosnische Serviërs de baas waren. Iedere keer werd de bus buitenste binnen gekeerd. Je mocht geen fototoestel of videocamera meenemen. Ook medicijnen en medischeapparatuur mocht niet mee naar de enclave. Dus werd dit op speciale plekken in de bus verstopt. Dit gaf Anne al een apart gevoel. De VN is hier niet de baas, zij mogen eigenlijk niets. De machtsverhouding in het gebied was duidelijk niet in het voordeel van de VN-troepen. Het gebied was omsingeld door Bosnische Serviërs. In de enclave zaten ongeveer 40.000 Bosnische moslims en overal was een gebrek aan. Er was schaarste aan alles, dus alles was minimaal. Mannelijk douchen, brandstof sparen voor de vrachtwagens en net voldoende te eten. De mensen in de enclave hadden het nog moeilijker. Er was bijna geen eten en de zwarte markt tierde welig. De Dutchbatters bewaakten zelf de vuilniswagen op weg naar de stortplaats. Waarom? Omdat de mensen de vuilniswagen aanvielen op zoek naar nog iets eetbaars. Op de stortplaats hielden zij een oogje in het zeil om te voorkomen dat e.e.a. uit de hand zou lopen.
Schaarste was er ook in het hospitaal. Dit zorgde voor spanningen tussen logistiek en artsen. De ijzeren voorraad was er voor de militairen. Artsen wilde ook deze voorraden gebruiken voor de mensen in de enclave. Verschillende uitgangspunten, geen eenheid. Eigenlijk was het bataljon een samengeraapt geheel. Het bestond uit de luchtmobiele brigade, hospikken, logistiek, verbindingsdienst en de E.O.D. (explosieve opruimingsdienst). Niet getraind om samen te werken.

De Bosnische Serviërs vielen op 6 juli '95 de enclave aan. Anne was met zijn moeder in gesprek, een voordeel als je bij de verbindingsdienst werkt, toen er granaat inslagen te horen waren. Hij hoorde drie knallen; het afschieten, het door de geluidsbarrière gaan van de granaat en het ontploffen. De E.O.D. stelde hem gerust, niets aan de hand het is een Stalinorgel en ze weten wat ze doen. De soldaten zaten nu in containers die als bescherming dienden. Op 8 juli viel de observatiepost Foxtrot. De soldaten moesten hun post verlaten en kwamen met hun pantserwagen tussen Serviërs en moslims terecht. Tijdens een doorbraak werd een soldaat door een moslim neergeschoten. Anne wist hiervan want hij moest een heli bestellen en afbestellen. De soldaat was aan zijn verwondingen gestorven. De oorlog kwam heel dichtbij. Hij deed zijn werk, maar na zijn dienst kwam hij tot rust en toen kwam het besef en de impact. 10 juli ging het hele circus los, de zaak liep uit de hand. Er was een oorlogssituatie, blauwe baretten af en de groene helmen op. De aan commandant Karremans beloofde luchtsteun bleef uit. Waarom? De VN-soldaten werden toch niet onder vuur genomen, dus geen luchtsteun. De volgende dag was het over, de enclave was gevallen. Wederom was er geen luchtsteun gekomen. 's Ochtends om 06.00 uur zou er weer luchtsteun komen. Alle soldaten en mensen hadden de opdracht gekregen om een veilig heenkomen te zoeken. Iedereen zat in angst en met oordoppen in te wachten op wat komen gaat. Helaas, niets. Mensen vluchtte uit de enclave weg of naar het hoofdkwartier. Veel jonge mannen vluchtte naar Sarajevo, maar werden onderweg gepakt en vermoord. Waarom geen luchtsteun? Niet direct aangevallen of wilde de VN van de enclaves af. Enclave zijn kwetsbaar en moeilijk te bewaken. Kost veel manschappen die je elders niet kunt inzetten. Economische afweging? De echte reden, blijft tot vandaag de dag een VRAAGTEKEN. De Bosnische Serviërs kamden de enclave uit. Anne zag in de verte rookpluimen en hoorde schoten. Details kon hij niet zien, alleen maar gissen wat er gebeurde. Naar het HQ kwamen vooral ouderen met al hun laatste bezittingen, maar ook 241 jonge mannen. De Bosnische Serviërs namen de jonge mannen gevangen. De legerleiding had een namenlijst gemaakt van alle gevangen en naar Nederland gefaxt. De Bosnische Serviërs wisten dit, maar dat weerhield hun niet om ze allemaal te vermoorden. De andere mensen werden door de Bosnische Serviërs naar 'veilig gebied' gebracht. De Bosnische Serviërs bleken een andere definitie van 'veilig gebied' te hebben dan de VN.
14 juli was het stil geworden, de enclave was leeg. Als dieven in de nacht trokken Bosnische Serviërs de enclave in en roofden alles wat bruikbaar was. Dit lijkenpikkergedrag maakte ook grote indruk op Anne. Wat nu met Dutchbat? In 24 uur waren zij terug in Zagreb waar zij ter ontlading van alles wat zij hadden meegemaakt een biertje dronken. De media maakte hier foto's van en legde het uit als feestende soldaten. Mediageile politici spraken hier schande van, negatieve imago van Dutchbat was geboren.

Het NIOD (Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie) doet onderzoek naar wat er in Srebrenica gebeurt was. Srebrenica een zogenaamd `veilig gebied`. Wat hadden ze kunnen en moeten doen? Terugkijken is moeilijk, er zijn 7000 mensen vermoord.
Anne ging onlangs bij hem om de hoek eens kijken bij het Joegoslavië tribunaal. Politiekleider Radovan Karadži? roept bij hem nog steeds heftige emoties op. Hij voelt nog steeds de machteloosheid van toen. Je mag niets doen, bevel is bevel. Wij zijn er om de vrede te bewaken en niet om de vrede te bewaken. De film van de vorige keer "Shooting Dogs" geeft het zelfde weer. Anne kwam volgens zijn vrienden als een zombie terug en dronk veel. Ging naar Mexico om daar tot rust te komen, vluchtgedrag. Terug in Nederland kon hij tijdens de debatten over Srebrenica niet meer slapen. De beelden van wat hij had meegemaakt en had gezien bleven maar terug komen. Tijdens zijn verhaal was dit duidelijk te zien en had hij het even te kwaad. Emotities nemen de macht over. Hij blijft relativeren, bij alles in het leven. Maar niet te veel doen anders kan je niet leven. Psycologische hulp? Tijdens de missie was er geestelijke hulp. Na de missie was er wel hulp beschikbaar, maar je moest er zelf om vragen. Tegenwoordig moeten soldaten die van een missie terugkomen verplicht een aantal sessies bij een psycholoog volgen. Anna ging naar zijn huisarts. Deze gaf aan dat hij met zijn werk als lobbyist moest stoppen, gaan sporten en naar een psycholoog moest.
Op de vraag: Is het je waard geweest? Was het antwoord: per saldo zou ik het weer doen. Het is een speciale levenservaring en maakt wie ik ben. Ik relativeer meer en weet dat ik meer mijn verantwoordelijkheid moet nemen. Ook is hij nog niet terug geweest, weet niet waarom en wat hij ervan moet verwachten. Voorlopig nog niet. Binnenkort is er een reünie dan kunnen anderen die wel terug zijn geweest hun ervaring vertellen. Tijdens de reünie zijn er geen stoere verhalen, daar is de impact van de oorlog te groot voor. Luisteren en het over de toekomst hebben is het belangrijkste.
Het was voor het eerst dat hij aan een groep studenten zijn verhaal vertelde, chappeau! Voor mij was het een helder verhaal met veel emotie die zijn weg nog moet vinden. Zowel bij mij als bij Anne.
Net als vele anderen is hij in dezen naast omstander ook slachtoffer met levenslang.

Wil, een kind van politiek "foute ouders" ? (Slachtoffers)

Zij is in 1940 geboren en haar ouders waren middenstanders en vanaf 1933 lid van de NSB tot aan dolle dinsdag. De jaren dertig waren de crisisjaren met een strakke zuilenpolitiek. Het communisme/socialisme, fascisme en de christelijke waren de meeste aanwezige politieke stromingen. Veel mensen waren bang voor het oprukkende communisme "Het Rode Gevaar". Wil haar ouders waren altijd al pro Duits en waren misschien daarom lid geworden? Van de NSB waren vooral middenstanders en boeren lid, zij werden het meest door de crisis getroffen. De NSB was toen nog niet antisemitisch, Duitsland was wel een voorbeeld van positieve wederopstanding. Toen Duitsland Nederland binnenviel zegden velen hun lidmaatschap van de NSB op, haar ouders niet. Waarom niet? Het zal altijd een raadsel blijven. Dit feit blijft voor Wil het grote onbekende en begrijpelijke dat als een last op haar schouders rust. Dat je in de 'provincie' niet alles meekrijgt is nog te begrijpen, maar in Amsterdam is het zeker zichtbaar wat er gaande was. Razzia's, joden mogen iets meer.
Toen haar ouders in 1944 op dolle dinsdag met vele NSB'ers naar Duitsland vluchtte kwam ze in de buurt van Hamburg in een kamp terecht. Haar broer van 14 werd als soldaat geronseld, gelukkig was de oorlog snel afgelopen en heeft hij nooit actief aan de oorlog deelgenomen. Wil haar vader kreeg TBS en overleed daaraan. Eenzaam in een ziekenhuis zonder dierbaren, die hoorde pas dagen later dat hij was overleden. Haar moeder was zwaar getraumatiseerd en niet als moeder "beschikbaar". Terug in Nederland werden de kinderen van hun moeder gescheiden. Haar moeder zat ongeveer een half jaar gevangen omdat zij lid van de NSB was. In het kinderhuis werden zij niet fijn behandeld. Altijd was zij als laatset omdat zij haar broer hielp. Daarom had zij het altijd gedaan en moest ze op zondag een bruine jurk aan. Nog altijd heeft zij een hekel aan bruin. Later besefte ze waarom zij slecht behandeld werden. Voor NSB kinderen gold; "de appel valt niet ver van de boom". Deze periode heeft haar gevormd. Zij trok zich terug, was gesloten en liet niet het achterste van haar tong zien. Het was geen prettige periode, leefden van de steun en Wil had last van astma. Tot haar achttiende had ze geen eigen plekje en sliep altijd bij haar moeder. De familie kijkt je met de nek aan. Want zij werden ook opgepakt omdat haar ouders lid van de NSB waren. Haar ouders hadden toch niets ergs gedaan? Ja, zij waren lid van de NSB. Zij verraadde geen mensen voor "koppengeld" of deden andere vreselijke daden tegen mensen. Zij waren slechts lid. Tussen Wil en haar moeder blijft een haat liefde verhouding bestaan. Houden van maar ook het boos zijn op. In de familie was het een groot geheim dat hun ouders lid waren van de NSB. Niemand mocht het weten, maar daartegenover stond dat zij dachten dat IEDEREEN het wist: het zijn NSB kinderen.
Wil trouwde en vertelde haar man en schoonmoeder het verhaal. Pas toen haar moeder was overleden is zij naar de Stichting Herkenning gegaan. Ook ik ben oorlogsslachtoffer en schuldloos. Tijdens bijeenkomsten en praatgroepen komt alles beter op haar plek. Een openbaring waren twee sprekers van de Stichting Combi. Deze twee vrouwen zaten onder andere in de bunker in Vught toen het Bunkerdrama zich afspeelde. Vanuit andere perspectieven wordt een verhaal gedaan wat een band schept. Hieruit komt naar voren dat er meer overeenkomsten zijn dan verschillen. Eigenlijk wilde Wil het hele verleden geheimhouden. Maar ergens van binnen zat iets dat zei: je moet het vertellen. Niet meer bang zijn, niemand durven aankijken. Besef dat de kinderen er niets aan kunnen doen.
Iedereen kan zien zat ik NSB'er ben. Een joodse jongen die tegenover hun woonde vertelde na de oorlog dat haar moeder een geweldige vrouw was. Hij wist niet dat zij lid was van de NSB.
Op de openschool zat Beppie een meisje wiens ouders communisten waren en veel gepest werd. Zij pestte mee, dan werd ik niet gepest. Later heeft zij excuus aangeboden. Ook Beppie wist niets van het NSB verhaal. Door veel te praten kon haar gedachte: ik deug niet, verdwijnen. Wil heeft veel geleerd en probeert niet te discrimineren en waar mogelijk komt ze daar voor op.
Haar broer wilde niets vertellen aan zijn joodse vrouw. Na veel vijven en zessen is het boven tafel gekomen. Het was geen issue meer.
Wil haar zelfbeeld is positief geworden. Kan relativeren. Ze herkent de streken van haar moeder in zichzelf, maar nog belangrijker ook de streken van anderen. Alles heeft nu een plek gekregen. Niet iedereen over dezelfde kam scheren.

Mensen die in Duitsland gewerkt hebben en terug kwamen waren ook verdacht van heulen met de vijand. Mijn opa heeft ook in Duitsland gewerkt. Mijn moeder is van dezelfde generatie als Wil en heet ook Wil. Het had ook zomaar het verhaal van mijn moeder kunnen zijn.
Iedereen verdient een kans als hij/zijn straf heeft uitgezeten. Het is van de zotte dat kinderen de rekening gepresenteerd krijgen voor de daden van hun ouders. Veroordeel/oordeel niet over anderen, voordat je dezelfde levensreis in zijn/haar schoenen gemaakt hebt.
Je bent wie je bent, Niet wie je denkt te moeten zijn!

Walter